Books
Books
Dutch editions
German Staatstheater
In GERMAN STAATSTHEATER, thirteen performers set up a world in which stress, ambition and absurdity follow each other at a rapid pace. The creators Rosie Sommers and Micha Goldberg are inspired by the monumental German state theatre: a tradition full of great emotions, huge player ensembles and serious dedication. They use that intensity as a springboard to investigate how workload and expectations put our bodies — and our society — under high voltage.
Rosie Sommers (°1995) is a theatre maker. She graduated from the KASK. Until 2022 she worked in Volksroom, an off-space for performance art (Anderlecht, Brussels) and is active in the music scene with the girls band Forsissies. Rosie worked with theatre makers such as Thomas Ryckewaert, Bosse Provoost, Amanda Piña, Phoebe Berglund, Benjamin Abel Meirhaeghe, Gaël Santisteva, Nathan Ooms, Anna Franziska Jaeger, Micha Goldberg, Sophia Rodríguez, Tomas Gonzalez, Igor Cardellin and De Warme Winkel.
Micha Goldberg (°1983) is a Norwegian performer and theatre maker. He studied physical theatre at the Accademia Teatro Dimitri in Switzerland and attended a master’s degree at the RITCS in Brussels. He worked with Sophia Rodriguez, Ivo Dimchev, Lea Moro, Rosie Sommers, Simon van Schuylenbergh, Jozef Wouters and Simon Baetens. In 2016 he founded Micha’s Amateur Theater Group (for professionals), who made a retrospective at the Batard festival as early as 2018. From 2013 to 2022 he was co-host of Volksroom (Brussels).
TRUT #1 : De Sexy Editie
TRUT is een exclusief fysiek print-magazine, humoristisch en cultuurkritisch, met een focus op de groteske campness van (Vlaamse) popcultuur. Met bijdragen van meer dan 20 jonge makers trachten ze popcultuur-curiosa opnieuw tastbaar te maken.
Publiek Park
Jef Declercq, Anna Laganovska and 2 more
The third Publiek Park publication – Walking Guide – combines essays, archival fragments, and artistic voices to trace both the exhibition route at Plantentuin Meise and the historical path that led from the creation of the Jardin Botanique in the heart of Brussels to its relocation outside the city. Following the logic of a quilt, layering different perspectives, textures, and timelines, the book connects artistic narratives with history and reflections on urban gardens, public space, and botanical imaginaries. Just like the exhibition, the publication offers not merely a portrait of a place, but a reflection on the multiplicity that defines it.
Alongside documentation of the exhibition and contributions from the participating artists, this year’s Walking Guide features writings by Nikolaos Akritidis, Denis Diagre-Vanderpelen, Koen Es, Lana Jones, François Makanga, Noam Youngrak Son, and Jean Watt. The two parks are portrayed in photographs by Michiel de Cleene, with book design by Victor Verhelst and Corbin Mahieu bringing all of these elements together.
This publication is made with the generous support of Plantentuin Meise and all partners.
GAZA, Is er een leven vóór de dood?
In the face of utter devastation, Palestinian poets offer their words as mournful testimonies of grief and war, but also of unwavering hope and resistance despite all. In collaboration with Espace Magh, we are proud to present “GAZA, Is there life before death?”: an trilingual anthology of poems written by Fatena Al Ghorra, Hend Jouda, Nour Baaloucha and Wadah Abu Jamie, as well as Charles Ducal.
Edited by Mohamed Ikoubaân and Taha Adnan, the book consists of three parts: the Arabic poems, their French rendering, and newly translated Dutch versions. Across these languages, poetry figures as a bulwark against the degradation of humanity. The book forms a tribute to those who continue to carry out the voice of their people in spite of their occupation and annihilation.
Poëzie is een daad van verzet op een plek waar de hoop lijkt te zijn weggevaagd. Het is een blijvend bastion tegen menselijke degradatie. De Palestijnse dichters Hend Jouda, Fatena Al Ghorra, Nour Baaloucha en Wadah Abu Jami getuigen in hun poëzie over de oorlog op Gaza en de veerkracht van hun volk. Samen met Charles Ducal maken ze deel uit van GAZA, Is er een leven vóór de dood? Deze drietalige bloemlezing, samengesteld door Taha Adnan en Mohamed Ikoubaân, brengt hun gedichten in het Arabisch samen met vertaalde versies in het Nederlands en in het Frans.
En collaboration avec Espace Magh, Moussem présente une anthologie trilingue de poèmes écrits par les poèt·ess·es palestinien·ne·s Hend Jouda, Fatena Al Ghorra, Nour Baaloucha et Wadah Abu Jami, accompagné·e·s de Charles Ducal. Dans GAZA, Y a-t-il une vie avant la mort ?, iels témoignent de la guerre à Gaza et de la résilience du peuple palestinien : des poèmes devenus acte de résistance là où tout espoir semble avoir été écrasé.
De dichtbundel is gepubliceerd ter gelegenheid van het gelijknamige programma dat op 24 juni 2025 plaatsvond in Espace Magh: een avond waar poëzie werd voorgedragen als hulde, als echo van waardigheid en solidariteit. Zoals Taha Adnan aangeeft in het voorwoord: wij hebben niet de rol van spreekbuis willen spelen. Hier is het woord aan Gaza.
De gedichten in het Arabisch (Palestina) en het Frans van Fatena Al Ghorra, Nour Baaloucha en Hend Jouda zijn afkomstig uit het gelijknamige boek, Anthologie de la poésie Gazaoui d'Aujourd'hui, vertaald door Abdellatif Laâbi en samengesteld door Yassin Adnan (Éditions Points, 2025). De Nederlandse vertalingen uit het Arabisch zijn tot stand gekomen in samenwerking met de Onderzoeksgroep Arabistiek en Islamkunde van de KU Leuven.
Doorheen deze drie talen brengt het boek een eerbetoon aan zij die de stem van hun volk blijven uitdragen, ondanks hun bezetting en annihilatie.
Teksten:
Fatena Al Ghorra
Hend Jouda
Nour Baaloucha
Wadah Abu Jamie
Charles Ducal
Taha Adnan
Vertalingen:
Abdellatif Laâbi
Taha Adnan
Jean-Marie Gerard
Danielle Losman et le Collectif des Traducteurs de Passa Porta
Nisrine Mbarki
Heleen Mercelis
Roumaisa Boulbahaim
Hanna Jacobs
Dilara Karataş
Freya Moonen en Jade Gevers
Rave
‘Rave vertelt verhalen uit het leven in het diepst van de nacht.’ Er wordt gefeest, gedronken, drugs genomen. Er wordt gepraat over wil de ideeën en banaliteiten. Dansvloeren, nachtclub krochten, wc’s, parkings en achterafjes worden aangedaan in München, Berlijn, Ibiza. Er wordt gevreeën, op de dealer gewacht en bij ochtend krieken overlegd waar de afterparty voor de preparty voor de volgende party zal doorgaan. ‘Ieder uur sleept een van zo’n weekend in exces fataal verwoeste zich ergens over de heel normale dagdagelijkse mensenstraten f inaal afgemaakt voort.’ Daartussen samplet en mixt Goetz af en toe stemmen van bepaalde producers, tv en krantenredacteurs en andere mediaspelers die ook de realiteit van rave, een gesofisticeerd gecodeerd soort outsider kunst van allemaal insiders, denken te kunnen vatten. Voor lange scheldtirades is er, anders dan in Gestoord, geen plaats. Er moet immers gefeest worden. Rave: de zich steeds herhalende extase van het basale, rave als esthetische theorie en sociale praktijk, als radicale utopie, in de absoluut tegenwoordige tijd. ‘Kom hier, vallende ster.’
De Duitse cultauteur Rainald Goetz (1954) maakte naam als scherp zinnig waarnemer van media en popcultuur, in teksten waarin hij neo-expressionisme en sociaal realisme vermengt met de nerveuze schrijfsels van beat en popauteurs. Goetz is een van de belangrijkste en interessantste stemmen van de hedendaagse Duitse literatuur en ontving meerdere literaire prijzen, waaronder de Georg Büchner Preis 2015. Eerder verscheen bij het balanseer Gestoord, Sebastian Roths vertaling van Irre (1983).
Sebastian Roth (°1991) behaalde een bachelor Taal- en Letterkunde (Engels – Duits), een master Westerse Literatuur en een master Journalistiek. Hij schreef voor Knack Focus, vertaalde nieuwsartikels en reportages voor Knack en werkte mee aan Helblauw (2018), een vertaling van Hellblau (2001) van de Duitse auteur, dj en muzikant Thomas Meinecke door een vijftigkoppig vertaalcollectief.
Bewogen selfies
In Bewogen selfies onderzoekt Obe Alkema de verhouding tussen landschap en herinnering. Wat treft hij aan bij terugkeer naar belangrijke plaatsen uit zijn geheugen? Wat herinnert hij zich niet, maar Google wel? Is er een gedenkschrift te puren uit zijn metadata?
Memoires, rechtstreeks verteld en met omwegen, uit eerste hand en van horen zeggen. Archieven en herinneringen eisen spreektijd, houden het niet meer droog of worden tot spreken gebracht. Wat hebben ze eigenlijk te melden? Ze lopen helemaal leeg, net als Alkema zelf. Een leven zoals zovele, poedelnaakt en geretoucheerd, vol zin en onzin.
Hechtmappen bieden geen soelaas
Hechtmappen bieden geen soelaas is wat overbleef na een vakantiejob waarbij de taakinhoud vooral bestond uit het verwijderen van nietjes uit verouderde documenten. Deze weken waren de bron voor fascinaties voor ongemakkelijke stiltes, gesprekken in liften, de diefstal van fluorescerende pennen en een ontplofte ventilator.
Vaders van de Brusselse Halsbandparkiet
Joren Peeters, Antonino Triolo
Remember that first time you were startled by a shrill screech, looked up and saw to your amazement a green parakeet perched on a branch in the middle of Brussels? There are some juicy and perhaps even instructive urban legends being told about the origins of the Brussels ring-necked parakeet.
Joren Peeters has collected and dramatized three of these urban legends, Antonino Triolo has illustrated them, and graphic designer Lise Leën has put them together in a kind of bird-watching book revealing the mythical origins of the Brussels ring-necked parakeet: De Vaders van de Brusselse Halsbandparkiet.
In these illustrated stories, the ring-necked parakeet appears to be a symbol of male hubris: the bird is born from the typically male, naive, unworldly and arrogant desire to impose a vision of Good on the world. The three fathers turn out to be three parodies of the hero, three tragic do-gooders.
(NL)
Weet je nog die eerste keer dat je opschrok door een schril gekrijs, opkeek en tot je verbazing een groene parkiet op een tak zag zitten – in het midden van Brussel? Er doen over de oorsprong van de Brusselse halsbandparkiet enkele sappige en misschien zelfs leerrijke urban legends de ronde.
Joren Peeters heeft er drie verzameld, uitvergroot en uitgeschreven, Antonino Triolo heeft ze geïllustreerd en Lise Leën heeft ze samengezet in een soort vogelspotboekje: “De Vaders van de Brusselse Halsbandparkiet”.
In deze geïllustreerde verhalen blijkt de halsbandparkiet een symbool voor mannelijke hoogmoed: ze zijn geboren uit het typisch mannelijke, wereldvreemde en arrogante verlangen om uw visie op het goede aan de wereld op te leggen. De drie vaders blijken drie parodieën op de held, drie fatale wereldverbeteraars.
Ik hier jij daar
'In de poëzie kunnen twee verschillende werelden elkaar ontmoeten, door gedichten kunnen we zonder ID denkbeeldige grenzen overschrijden en in dezelfde denkbeeldige ruimte verblijven. Maar is die ruimte wel dezelfde? Kunnen we losbreken uit onze rollen van slachtoffer en medeplichtige? Kunnen gedichten ons leren ons te identificeren met ongevoelde pijn? Wat spreekt er uit onze ontmoeting op papier?' - Anne Vegter
'Een dichter moet egoïstisch zijn, moet een eenzame wolf zijn, maar soms ontmoeten eenzame wolven elkaar in de wouden en jagen ze samen. Twee dichters, één boek: niet noodzakelijkerwijs om iets nieuws te bouwen, maar om de muren af te breken die ons tegenhouden wanneer we naar de andere oever willen oversteken. De Steen van Rosetta, die ervoor zorgt dat we het ongelezene lezen.' - Ghayath Almadhoun
Ghayath Almadhoun (1979) werd geboren in het Palestijnse vluchtelingenkamp Yarmouk in Damascus als zoon van een Palestijnse vader en een Syrische moeder. Hij studeerde Arabische literatuur aan de Universiteit van Damascus en werkte als cultureel journalist. Sinds 2008 woont hij in Stockholm. In Nederland verscheen in 2014 zijn lovend besproken dichtbundel 'Weg van Damascus'. Anne Vegter woont en werkt in Rotterdam. Van haar hand verschenen onder andere de verhalenbundels 'Ongekuiste versies' en 'Harries hoofdingang' en de dichtbundels 'Aandelen en obligaties', 'Spamfighter' en 'Eiland berg gletsjer'. Haar werk werd meermaals bekroond. De afgelopen vier jaar was ze Dichter des Vaderlands. De gedichten van Ghayath Almadhoun zijn uit het Arabisch vertaald door Djûke Poppinga.
nY52 — sex negativity
Persis Bekkering, Marija Cetinic and 2 more
Geïnspireerd door recente ontwikkelingen in queer en trans theory, het academisch discours in de traditie van de psychoanalyticus Jacques Lacan, en black studies, presenteert en lanceert nY met dit nummer het begrip ‘seksnegativiteit’, dat wijst op het destabiliserend, desoriënterend potentieel van seksualiteit, zonder er een nieuwe, gedroomde status quo tegenover te stellen.
High Shine
High Shine is boek zes van de groeiende collectie van De Nieuwe Dansbibliotheek en boek nul van de Notebooks die opgezet zijn door de fellows van THIRD, het derde cyclus onderzoeksprogramma van DAS Graduate School, ondersteund door DAS Publishing (lectoraat van de Academie voor Theater en Dans) en gefinancierd door de Quality Funds.
Als co-publicatie van DAS Publishing en De Nieuwe Dansbibliotheek, luidt High Shine een nieuw partnerschap in tussen nieuwe platforms en oude vrienden.
Kwetsbaarheid — Over raken en geraakt worden
Marlies De Munck en Pascal Gielen
In een competitief bestaan verbergen we onze zwakke plekken. Evaluatiedrift en de voortdurende dwang tot innoveren duwen mensen steeds verder weg in een bolster. Hoe danook gaan we allen als knoeiers door het leven, vindt Marlies De Munck. Ze roept daarom op tot openheid en mededogen. Want dat bolsteren hindert je om te raken. En om geraakt te worden. Pascal Gielen houdt een warm pleidooi voor een esthetische kunde: het vermogen via al onze zintuigen een rammelende en fragiele werkelijkheid toch als een samenhangend geheel te ervaren. Dat is de potentie van kunst en cultuur: om ons te verzoenen met een chaotisch en kwetsbaar leven.
Marlies De Munck is cultuurfilosofe. Ze is als docent verbonden aan het Departement Wijsbegeerte van de Universiteit Antwerpen en aan het KASK & Conservatorium in Gent. Als lid van het Culture Commons Quest Office (CCQO) aan het Antwerp Research Institute For the Arts (ARIA) doet ze onderzoek naar de gezondheid van cultuur.
Kamer I - Oesters
‘Kamer I - Oesters’ is een kort verhaal geschreven in het kader van het kunstproject Beste Anna,. Hierin fungeert de figuur van de openlijk lesbische Rotterdamse schrijfster Anna Blaman als motor voor vragen, gesprekken en correspondenties rondom feminisme, schrijvende vrouwen en de canon, anders zijn, eenzaamheid en vriendschap.
Ook verkent Katinka met dit onderzoek Anna Blaman als personage voor een toekomstige roman. In ‘Kamer I - Oesters’ betreedt de hoofdpersoon Anna’s met een rolkoffer vol boeken van andere schrijvers, fluistert ze hun woorden in de kieren in Anna’s muren en verleidt ze Anna met een pauwendans.
Anna Blaman (1905-1960) was openlijk lesbisch, in die tijd een groot taboe, maar zag zichzelf niet als voorvechter van een beweging. Een belangrijk thema in haar werk is de vraag of we een ander werkelijk kunnen kennen. De personages in haar romans zijn vaak alleen en verlangen naar een ander, die altijd onbereikbaar blijft. In 1948 publiceerde Blaman de roman Eenzaam Avontuur, die erg veel stof op deed waaien vanwege enkele (homo-)erotische personages die in het boek voorkomen.
nY47 — studY
nY47 over studY verzamelt theoretische reflecties en praktijken rond of over study, geïnspireerd op het werk van Fred Moten en Stefano Harney. We vatten dit op als een praktijk van samenkomen om na te denken over wat je samen wilt leren, zonder dat hier een duidelijk einddoel aan verbonden is, zonder dat je er individueel punten voor of andere voordelen voor behaalt – zonder een instrumentele logica, kortom.
Redactie: Lietje Bauwens, Persis Bekkering, Hans Demeyer, Dagmar Bosma, Frank Keizer, Çağlar Köseoğlu, Julie Somers, Nadia de Vries.
Slangen
Slangen krioelen in de sarcofaag van het heden, in de krochten van de popcultuur, in de mummie van de natuur, in wondes en rot vlees, in artificiële woestijnen en op geoliede dad bods. Ze wentelen zich rond beursgrafieken, raken verstrengeld met wurgende algoritmes, orkestreren een trage ondergrondse revolutie. Een meisje snijdt zich aan een nepdiamanten piramide en werpt haar slangenvel van zich af.
Dominique De Groen is schrijver en beeldend kunstenaar. Ze publiceerde de dichtbundels Shop Girl (2017), Sticky Drama (2019) en offerlam (2020). Ze werd genomineerd voor de Poëziedebuutprijs Aan Zee 2018, de Herman de Coninckprijs 2020 en de Fintroliteratuurprijs 2021 en won de Frans Vogel Poëzieprijs 2019 en de Fintropublieksprijs 2021.
EN
In het begin van de jaren 1970, hield Guy Rombouts een notaboekje bij waarin hij alle woorden, bijvoeglijk naamwoorden en werkwoorden bijhield die hij tegenkwam tijdens het lezen en die met elkaar verbonden waren door het voegwoord ‘en‘.
Ongeveer 50 jaar later en met de hulp van de grafische vormgever Jeroen Wille, is de transcriptie van zijn aantekeningen gepubliceerd als een boek dat gelezen kan worden in twee richtingen (en als enige boek coronaproof met twee tegelijkertijd).
Het boek bevat 2158 verzen met in totaal 4316 EN-combinaties.
De kortste verzen met evenveel letters:
A EN Z
4 EN 6
De langste verzen met evenveel letters:
ONUITSPREKELIJKHEDEN EN IMPONDERABILIA
ONEVENWICHTIGHEID EN ZELFOVERSCHATTING
Nasleep
Nasleep neemt de protesten rondom het Gezi Park in 2013 als vertrekpunt en verkent gaandeweg wat er is overgebleven van dit historische moment waarin een andere wereld voor het grijpen leek. Het zijn gedichten die laveren tussen ritmische, conceptuele en kritische noise enerzijds en postrevolutionaire affecten anderzijds, tussen politisering enerzijds en onmacht en radeloosheid anderzijds.
Vloekschrift
‘Arno Van Vlierberghe makes an impressive entrée into the poetry scene in the Low Countries with his first collection Vloekschrift, nominated for the C. Buddingh’-prize for the best debut volume of verse.’ (Patrick Peeters on Poetry International Web)
Arno Van Vlierberghe (1990) is dichter. Hij leeft, woont en werkt in Gent. Zijn werk verscheen her en der, offline en online. Vloekschrift is zijn debuutbundel.
I Love Nature
De eerste tekstuitgave van theater- en filmmaker, schrijver, wildplukker en ecoseksueel/klimaatactivist Nora Ramakers, die in haar werk de erotische essentie van de natuur poogt bloot te leggen.
Sonsbeck20→24 – Force Times Distance – On Labour (reader)
Bonaventure Soh Bejeng Ndikung, Ibrahim Cissé
This reader is a culmination of direct and tangential deliberations on notions of labour, appreciated across geographies and mediums. Newly commissioned textual manifestations in a multilogue with historical positions.
The reader could be perceived as a negotiation of positions, as the strive towards utterances, towards becoming. Each text could be imagined as a stanza in a song. This is also a strive towards musicality. Or at least a wish for this reader to be a choir, in which we collectively sing, in which we all listen to each other to be able to sing, but most importantly, in which we afford ourselves the privilege of 'hearing the eloquence of silence', 'seeing the inner vision beneath the closed eyes' and 'listening to the chastity of inner music that defies betrayal by the wayward wind.'
Edited by Bonaventure Soh Bejeng Ndikung and Ibrahim Cissé with Antonia Alampi, Amal Alhaag, Zippora Elders, Krista Jantowski, Aude Christel Mgba.
Contributions by Bonaventure Soh Bejeng Ndikung, Panashe Chigumadzi, Maurizio Lazzarato, Danielle Child, Anne Moraa, Philomena Essed, Djuwa Mroivili, Anivia Beylard, Jana Keijdener, Iheb Guermazi, Alia Mossallam, Ruth Wilson Gilmore, Chenjerai Kumanyika, Simone Atangana Bekono, Lionel Manga, Kodwo Eshun, Amal Alhaag, Precious Colette Kemigisha, Guy Ossito Midiohouan, Akila Richards, Mwazulu Diyabanza, Ibrahim Cissé, Léon-Gontran Damas
Graphic design: Leon Lukas Plum / Werkplaats Typografie.
Published in August 2021
Bilingual edition (English / Dutch)
Last Utopia
The bilingual book (NL-EN) contains one chapter of her recent novel Exces (Prometheus, 2021), which she has been working on during her stay at the academy. Set in the rave scene of 90s' Berlin, Last Utopia sketches the emotional landscape of an era that was supposed to be liberated, a time when the future was ostentatiously hailed. Yet in between the markers of optimism and progress, the first cracks announcing the permanent crises of today are revealed. Understanding techno as narrative device, this short novella - which can be read independently from the novel - traces echoes of utopian imaginary.
Persis Bekkering is a sophisticated maker of scenes, her prose is strongly physical and immersive. In her work, human relations are scrutinized and exposed in its ambiguity. In 2018 she published her first novel, Een heldenleven (Life of a Hero) with Prometheus, which was shortlisted for the ANV Debut Prize. She writes essays, art - and literary criticism and columns, for Mister Motley, NRC Handelsblad and other publications. An excerpt of Last Utopia was used as libretto for Stine Janvin and Ula Sickle's concert performance Echoic Choir, which premiered at the Wiener Festwochen.
I See That I See What You Don't See
Van Westrenen F., Otero Verzier M.
This “black book” published by Het Nieuwe Instituut presents a layered, non-binary notion of darkness. Navigating through cosmic, automated, and seemingly invisible environments, it delves into what we do not generally get – or choose – to see. Moreover, the book explores the relation between the possibility of seeing and forms of oppression and emancipation.
Contributions by the Academy for Urban Astronauts, Ramon Amaro, Danilo Correale, Jonathan Crary, Aldo van Eyck, Ludo Groen, Bregtje van der Haak, Saidiya Hartman, Marten Kuijpers, Momtaza Mehri, Melvin Moti, Lucy McRae, Johannes Schwartz, Dirk Sijmons, and Leanne Wijnsma.
bewegen - schrijven
A collection of brief descriptions of Toine's movement performances- and installations since 1979. The book, that started four years ago as a possible form in which Toine's ephemeral works could live on, gradually developed into a writing project about movement and the imaginative power of language.
Each of the 120 selected works has been translated in the most concise way into words and sentences.
Because of the possible role that the book could play in the discussion about conserving and documenting volatile works of art, Toine included related texts by other writers who directly or indirectly responded to my writing: Marcus Bergner Hannes Böhringer Florian Cramer Jan Van Den Dobbelsteen Nell Donkers Tim Etchells Ger Groot Geert Koevoets Thomas Körtvelyessy Dom H. van der Laan Dick Raaijmakers Jan Laurens Siesling Sandra Smets Hans Stevens ieke Trinks Samuel Vriezen Ciel Werts - Emilie Gallier
Editing and text advice Kathrin Wolkowicz Dick van Teylingen
translations: Simon Benson Maaike Trimbach Samuel Vriezen Helen Adkins Vincent W.J. van Gerven Oei
Dutch version
graphic design: Koos Siep
Edition: 2 x 250 copies